Nieuws

Kwaliteit duurzaamheidsverslagen nog vaak onevenwichtig

Het aantal ondernemingen dat een duurzaamheidsverslag uitbrengt groeit gestaag, maar de kwaliteit van die rapportages houdt geen gelijke tred met de getoonde groei. De meeste verslagen gaan mank aan een gebrek aan focus.
Dat blijkt uit het onderzoek 'Keep the balance steady' van Ernst & Young naar de kwaliteit van duurzaamheidsverslagen van honderd grote Europese ondernemingen.
Belangrijkste conclusie in het onderzoek is dat bij duurzaamheidsverslaggeving nog te veel wordt gestuurd op volledigheid. Dat leidt tot onevenwichtigheden in de verslaggeving. Zo munten de meeste verslagen (76%) uit in het noemen van positieve voorbeelden van duurzaamheidsinitiatieven, maar blijven de echte dilemma's waarmee ondernemingen kampen onvermeld.
Ook geven de onderzochte ondernemingen onvoldoende aan wie zij als stakeholders zien. Hun duurzaamheidsverslagen wekken de suggestie dat ondernemingen iedereen als stakeholder beschouwen, iets wat praktisch gezien onmogelijk is. De onderzoekers constateren daarnaast dat de internationale roep (vanuit het Global Reporting Initiative) om inzicht te geven in de wijze waarop duurzaamheid in de organisatiestructuur is verankerd, in niet meer dan 30% van de gevallen wordt nageleefd.
De jongste generatie duurzaamheidsverslagen laat op de criteria vergelijkbaarheid, leesbaarheid en betrouwbaarheid overigens wel een positieve ontwikkeling zien.
Hoewel er nog veel mogelijkheden zijn voor kwaliteitsverbetering van duurzaamheidsverslagen, is specialist duurzaamheidsverslaggeving Nancy Kamp-Roelands van Ernst & Young toch tevreden over de ingezette trend. 'Het is een feit dat ondernemingen steeds meer inspelen op duurzaamheid en dat zij dat breder zien dan alleen klimaatverandering, werknemersaspecten en maatschappelijke projecten. De nadruk lijkt geleidelijk te verschuiven naar informatie over het inbedden van duurzaamheid in producten en diensten'. Het inzicht geven in de bredere waardecreatie die door duurzaamheid wordt bereikt is volgens Kamp-Roelands een belangrijke volgende stap.
Kamp-Roelands wijst erop dat de huidige financiële crisis het belang voor ondernemingen om zich maatschappelijk te legitimeren nog eens benadrukt. 'Helaas wordt wel gesuggereerd dat duurzaam ondernemen tijdens een economische neergang te veel geld kost. Dat is echt een misverstand. Investeren in duurzaamheid is een belangrijk onderscheidend kenmerk en leidt naast concurrentievoordeel ook tot besparingen.'
Van de vijftien landen waarop het onderzoek betrekking had, is duurzaamheid in Nederland het vaakst (63%) de verantwoordelijkheid van een bestuurslid van de onderneming.
'Dat is een hoopvol gegeven', zegt Nancy Kamp-Roelands. 'Het onderstreept dat we duurzaamheid steeds serieuzer nemen.'