Nieuws

Verpleegkundigen en verzorgenden willen meer waardering

Meer waardering en een gelijkwaardiger verhouding met de top van de organisatie maken het werk van verpleegkundigen en verzorgenden aantrekkelijker. Zorgpersoneel is erg betrokken bij de organisatie maar deze betrokkenheid lijkt niet altijd wederzijds.

Ruim 70% van de verpleegkundigen, verzorgenden en sociaal agogen vindt dat de aantrekkelijkheid van hun beroep kan verbeteren door meer waardering binnen de organisatie en verkleining van de afstand tussen top en werkvloer. Maatregelen om dit te realiseren lijken de sleutel om het beroep aantrekkelijker te maken. Meer waardering is al sinds 2001 één van de meest gewenste veranderingen, zo blijkt uit onderzoek binnen het Panel Verpleging & Verzorging van het NIVEL. Sinds 2001 volgt het NIVEL de veranderingen in het werk en de werkomstandigheden van verpleegkundigen, verzorgenden en sociaal agogen.

Volgens iets meer dan de helft van de verpleegkundigen, verzorgenden en sociaal agogen is de top van de organisatie niet of nauwelijks op de hoogte van de feitelijke problemen op de werkvloer. Dit percentage is de laatste tien jaren stabiel gebleven. Een minderheid (47%) voelt zich voldoende gewaardeerd door de directie. De afstand tussen directie en werkvloer lijkt daarmee onveranderd groot. Verpleegkundigen, verzorgenden en sociaal agogen zijn betrokken werknemers. Sinds 2003 schommelt het aandeel dat zich in voldoende of sterke mate betrokken voelt bij de organisatie rond 82%. De rest voelt zich niet of nauwelijks betrokken.

Een andere factor die onlosmakelijk verbonden lijkt met de aantrekkelijkheid van het werken in de gezondheidszorg is de werkdruk. Meer handen aan het bed (75%), minder administratie (66%) en verlaging van de werkdruk (65%) zouden het werken voor veel zorgverleners aantrekkelijker maken. Verpleegkundigen, verzorgenden en sociaal agogen geven aan dat hun beroep (nog) aantrekkelijker wordt als het werk anders wordt georganiseerd.

NIVEL-onderzoeker Anke de Veer: ‘In 2011 zien we over de hele linie een stabilisatie of licht positieve stijging in hoe verpleegkundigen, verzorgenden en sociaal agogen hun werk ervaren. Dat is gunstig. Er is nog winst te halen in de waardering vanuit de directie. Kennelijk is dat moeilijk te veranderen voor het management van zorginstellingen. En dan gaat het niet alleen om salariëring, maar vooral om een compliment, het personeel bij het beleid betrekken en verantwoordelijkheid geven. Als mensen de kans krijgen zichzelf te ontwikkelen en loopbaanambities te realiseren, voelen ze zich ook gewaardeerd. Het is de moeite waard te onderzoeken of verpleegkundigen, verzorgenden en sociaal agogen zich minder afhankelijk voelen van waardering of zich meer gewaardeerd voelen als je de zorg anders organiseert, bijvoorbeeld door meer zelfsturing of een andere teamsamenstelling.’

Het Panel Verpleging & Verzorging bestaat uit ongeveer 1350 verpleegkundigen, verzorgenden, sociaal agogen en helpenden. De verpleegkundigen werken vooral in de ziekenhuizen, de psychiatrie, de zorg voor mensen met een beperking en de thuiszorg. De verzorgenden en helpenden werken vooral in verpleeg- en verzorgingshuizen en thuiszorg. Alle sociaal agogen werken in de gehandicaptenzorg. Het panel wordt gesubsidieerd door het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.