Overhandiging_jaarrapport_DICA.jpg
Nieuws

10 jaar DICA kwaliteitsregistraties: data om samen met de patiënt te kunnen beslissen

DICA – het Dutch Institute for Clinical Auditing – verricht klinische kwaliteitsregistraties om kwaliteitsverbetering, transparantie en kostenbesparing in de zorg te realiseren, waardoor ook in de toekomst kwalitatieve en betaalbare zorg voor iedere patiënt mogelijk blijft. Zorgverleners, specialisten, onderzoekers en andere medische professionals werken intensief samen om dit te realiseren.

 

Het is tien jaar geleden dat de eerste DICA-registratie startte: de Dutch Surgical Colorectal Audit voor de darmkankerchirurgie. Inmiddels is het aantal registraties sterk gegroeid en verspreid over belangrijke delen van de ziekenhuiszorg. Vandaag de dag maakt DICA voor 23 registraties de zorgprocessen en uitkomsten zichtbaar, die een impuls zijn voor kwaliteitsverbetering in de zorg.

 

DICA introduceert dit jaar het Codman Dashboard. Met behulp van dit nieuwe en intuïtieve benchmark-instrument is het mogelijk om samen met de patiënt te beslissen over het te volgen zorgtraject. Eric Hans Eddes, directeur van DICA: 'Het nieuwe Codman Dashboard is een grote sprong voorwaarts richting verdere kwaliteitsverbetering in de zorg. Medisch specialisten kunnen met behulp van het nieuwe dashboard hun behandelresultaten filteren naar bijvoorbeeld leeftijd, comorbiditeiten en chirurgische technieken om zo de meest optimale behandelmethode uit te kiezen.'

 

Tijdens het jaarlijks congres overhandigde Eric Hans Eddes de resultaten van de kwaliteitsregistraties aan Erik Gerritsen, secretaris-generaal van het Ministerie van VWS. Bij de opening van het congres riep Gerritsen op tot samenwerking, tussen partijen in de zorg, tussen kwaliteitsregistraties, maar vooral mét patiënten: 'We hebben ongelooflijk goede, gedreven professionals en onderzoekers. We hebben geëmancipeerde patiënten. Als we die bij elkaar brengen, dan gaat het lukken! De oplossingen om de uitkomst voor patiënten te verbeteren liggen in het midden, waar het "van iedereen is". Daar moeten we de verbinding zoeken, zodat we het leven een beetje beter kunnen maken voor patiënten.'

 

Enkele resultaten uit het jaarrapport:

  • De afgelopen jaren is het aantal behandelingen voor patiënten met uitgezaaid melanoom gestegen, waardoor de zorgverleners in de 14 Nederlandse melanoomcentra veel ervaring hebben opgedaan met doelgerichte therapie en immunotherapie. Uit recente analyses blijkt dat de overlevingsduur van patiënten met een Melanoom in de afgelopen jaren is gestegen. De 2-jaars overleving van patiënten die behandeld werden met systemische therapie nam toe van 25% naar 38%. Daarnaast heeft de snelle beschikbaarheid van nieuwe geneesmiddelen geleid tot een stijging in het aantal van patiënten dat een gevorderd melanoom overleeft. 
  • Het project ‘DICA geneesmiddelen’ is gestart. Van veel dure geneesmiddelen is niet altijd bekend wat de effectiviteit hiervan is in de dagelijkse praktijk. Deze geneesmiddelen kunnen daarnaast een bedreiging vormen voor kostenbeheersing en toegankelijkheid van de zorg. Het doel van het project is om geneesmiddelengebruik te koppelen aan klinische uitkomsten om zodoende de waarde van dure geneesmiddelen vast te stellen. Hierdoor wordt het beter mogelijk om de juiste behandeling voor het individu te kiezen.  
  • Er zijn sinds 2015 in Nederland meer dan 45.000 maagverkleiningsoperaties bij patiënten met obesitas verricht. Er is daarbij een afname zichtbaar in het aantal ernstige complicaties na bariatrische chirurgie: van 3,5 % in 2015 naar 2,9% in 2018. Daarnaast blijken deze operaties erg effectief: 95% van de geopereerde obesitas patiënten heeft een optimale total weight loss van meer dan 20%, wat neerkomt op een gewichtsverlies van 40 tot 50 kg per patiënt. Bij het merendeel van de patiënten is dit gewichtsverlies blijvend: na drie jaar heeft 88% nog steeds een gewichtsverlies van meer dan 20%. Tevens is aangetoond dat de ernst van de aan obesitas gerelateerde ziekten, zoals diabetes, afneemt, dus een verbetering voor de patiënt ten gevolge van dit gewichtsverlies.
  • Een herseninfarct is de belangrijkste oorzaak van invaliditeit en is de een na grootste doodsoorzaak in Nederland. Hoe sneller patiënten worden geholpen, hoe meer kan worden voorkomen dat vitale hersendelen blijvend uitvallen. De deur-tot-naald-tijd, een maat voor de snelheid waarmee een behandeling van patiënten met een herseninfarct gestart wordt, was in Nederland dit jaar gemiddeld 24 minuten, terwijl dit in andere Europese landen gemiddeld 33-60 minuten is. Dit bevestigt dat Nederland koploper is in de beroertezorg.
 

Eric Hans Eddes: ‘In de tien jaar na de start van onze eerste kwaliteitsregistratie hebben we veel bereikt: betrouwbare kwaliteitsdata die de medisch specialist in staat stelt zichzelf te verbeteren, hebben inmiddels een vaste plek in de zorg. Dit jaar blijkt weer dat we in diverse gebieden kwaliteitsverbetering hebben kunnen bewerkstelligen, zoals onder andere in de bariatrische zorg en de behandeling van een herseninfarct. Door middel van het project ‘Slimmer registreren’ hopen we nog meer stappen te maken en daarnaast ook de registratielast voor artsen te verminderen. Daarnaast ben ik trots op de samenwerking tussen diverse andere kwaliteitsregistraties zoals NICE, de NHR, de LROI, Perined en Renine vanuit het gemeenschappelijk besef dat we moeten komen tot één model, een eenduidige governance en financiering en een herpositionering van dataverwerkers tot misschien wel een landelijke dataverwerker met het doel van een eenduidige ontsluiting van patiëntgegevens.’

 

Download het DICA-jaarrapport 'Reflecting on 10 years making care count'.

 

Foto boven artikel: De overhandiging van het DICA-jaarrapport.